Gedragsregels vakkrachten, begeleiders en ondersteuners van activiteiten

 
  1. De begeleider/vakkracht moet zorgen voor een omgeving en een sfeer waarbinnen de deelnemers/bezoekers zich veilig kunnen voelen.
     
  2. De begeleider/vakkracht onthoudt zich ervan de deelnemer/bezoeker te bejegenen op een wijze die de deelnemer/bezoeker in zijn waardigheid aantast, én verder in het privé-leven van de deelnemer/bezoeker door te dringen dan nodig is in het kader van de begeleiding.
     
  3. De begeleider/vakkracht onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of Seksuele Intimidatie tegenover de deelnemer/bezoeker.
     
  4. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider/vakkracht en een jeugdige deelnemer/bezoeker tot zestien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
     
  5. De begeleider/vakkracht mag de deelnemer/bezoeker niet op een zodanige wijze aanraken dat de deelnemer/bezoeker en/of de begeleider/vakkracht deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren.
     
  6. De begeleider/vakkracht onthoudt zich van (verbale) seksueel getinte intimiteiten via welk communicatiemiddel dan ook.
     
  7. De begeleider/vakkracht heeft de plicht - voor zover in zijn vermogen ligt - de deelnemer/bezoeker te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van Seksuele Intimidatie.
    Daar waar bekend of geregeld is wie eventueel enige belangen van de deelnemer/bezoeker behartigt, is de begeleider/vakkracht verplicht met deze personen of instanties samen te werken, opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.
     
  8. De begeleider/vakkracht zal de deelnemer/bezoeker geen (im)materiële vergoedingen geven met de kennelijke bedoeling tegenprestaties te vragen. De begeleider/vakkracht aanvaardt ook geen financiële beloning of geschenken van de deelnemer/bezoeker die in onevenredige verhouding tot het gebruikelijke of redelijke staan.
     
  9. De begeleider/vakkracht zal er actief op toezien dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij de deelnemer is betrokken. Indien de begeleider/vakkracht gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met deze gedragsregels zal hij de daartoe noodzakelijke actie(s) ondernemen.
     
  10. In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider/vakkracht in de geest hiervan te handelen.